Preventie
De vergeten pijler van ons gezondheidsbeleid
Geert Messiaen, voormalig secretaris-generaal van de Liberale Mutualiteiten
Preventie is essentieel voor een duurzaam gezondheidsbeleid, maar krijgt vandaag veel te weinig aandacht. De overheid blijft vooral inzetten op het behandelen van ziektes in plaats van ze te voorkomen. Dat blijkt duidelijk uit de budgetverdeling: ongeveer 90% van de middelen gaat naar curatieve zorg, terwijl amper 2% wordt besteed aan preventie. Ook op Europees niveau blijft de investering in preventie opvallend laag.
Die onevenwichtige aanpak is moeilijk te verantwoorden. Preventie voorkomt ziektes, verhoogt de levenskwaliteit en kan de zorgkosten op lange termijn aanzienlijk doen dalen. Toch blijft ze een blinde vlek in het beleid. De staatshervorming van 2022 heeft dit probleem zelfs versterkt. Door preventie over te hevelen naar de regio’s werd het beleid verder versnipperd, met een gebrek aan samenhang, schaalvoordelen en een duidelijke langetermijnvisie tot gevolg.
"Investeringen in gezonde voeding, beweging, mentale gezondheid en verslavingspreventie leveren bewezen maatschappelijke winst op."
Tegelijk zien we hoe op andere domeinen zonder moeite grote bedragen worden uitgegeven. In tal van gemeenten worden jaarlijks nieuwjaarsrecepties georganiseerd voor burgers, met gratis hapjes en drankjes. Het totale kostenplaatje loopt in de miljoenen euro’s, voor evenementen die nauwelijks een blijvende maatschappelijke meerwaarde hebben.
Waarom wordt een deel van die middelen niet ingezet voor preventie en gezondheidsbevordering? Investeringen in gezonde voeding, beweging, mentale gezondheid en verslavingspreventie leveren bewezen maatschappelijke winst op. Ze versterken niet alleen het welzijn van burgers, maar verminderen ook de druk op de gezondheidszorg.
Wie de zorg betaalbaar en toegankelijk wil houden, kan niet om preventie heen. Het is tijd om preventie niet langer als een randzaak te beschouwen, maar als een fundamentele pijler van het gezondheidsbeleid. De beste gezondheidszorg blijft immers diegene die ziektes voorkomt in plaats van ze achteraf te behandelen.