Sinds publicatie van indicator over doelmatigheid
Aandeel meniscectomieën bij patiënten ouder dan 50 fors gedaald
Het aandeel arthroscopische meniscectomieën bij patiënten ouder dan 50 jaar is duidelijk gedaald sinds de publicatie van een indicator hierover in april 2023. Dat blijkt uit een rapport van het RIZIV.

Uit onderzoek van de Dienst voor Geneeskundige Evaluatie en Controle (DGEC) van het RIZIV bleek dat 60% van de meniscectomieën in België werd uitgevoerd bij patiënten ouder dan 50 jaar. Bij patiënten ouder dan 50 jaar gaat het echter voornamelijk om degeneratieve letsels, waarvoor een meniscectomie geen directe voordelen biedt.
Indicator uit 2023
De DGEC stelde daarom aan de Nationale Raad voor Kwaliteitspromotie voor om een indicator op te stellen die het ondoelmatig gebruik van meniscectomie bij patiënten ouder dan 50 jaar zou reduceren, en de zorgverstrekkers ertoe
aanzet de indicatiestelling van deze ingreep af te stemmen op de klinische richtlijnen.
Deze indicator werd op 17 april 2023 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en houdt in dat verstrekkingen met nomenclatuurcode 276636-276640 per kalenderjaar voor maximaal 45 % van het totaal aantal verstrekkingen per zorgverlener mogen worden aangerekend bij patiënten ouder dan 50 jaar.
De indicator wordt berekend door het aantal meniscectomieën bij patiënten ouder dan 50 jaar te delen door het totale aantal uitgevoerde meniscectomieën.
Sensibilisering
Na publicatie van de indicator stuurde het RIZIV een sensibiliseringsbrief naar orthopedisch chirurgen en naar huisartsen (omdat zij patiënten doorverwijzen).
In oktober 2023 stuurde de DGEC een brief met individuele feedback naar de orthopedisch chirurgen die deze verstrekking minstens één keer aanrekenden in de 5 jaar voorafgaand aan de publicatie van de indicator.
De resultaten een jaar na publicatie
Zopas publiceerde het RIZIV een rapport over de impact van de indicator. Het is gebaseerd op facturatiegegevens voor de verrichtingsjaren 2016 tot en met 2024.
In die periode is het totale aantal menisectomieën meer dan gehalveerd, van 38.035 ingrepen in 2016 tot 15.519 ingrepen in 2024 - een daling die al aan de gang was lang voor de indicator werd gepubliceerd.
Na de publicatie van de indicator is er wel een duidelijke trendbreuk in het aandeel meniscectomieën bij patiënten ouder dan 50 jaar. In 2022 bedroeg dat nog 57%; in 2023 daalde het naar 51% en in 2024 naar 46% - net boven de drempelwaarde van de indicator.
Het aantal meniscectomieën (oranje staaf, verticale schaal links) was al sinds 2016 aan het dalen. Het aandeel ingrepen bij patiënten ouder dan 50 jaar (zwarte lijn, verticale schaal rechts) vertoont echter een duidelijke knik na de publicatie van de indicator. De groene stippellijn duidt de drempelwaarde van de indicator aan (≤ 45% van de ingrepen bij patiënten ouder dan 50 jaar). Bron: RIZIV.
Het aandeel artsen dat de vastgestelde drempel bereikt is gestegen tot 33% in 2023 en tot 48% in 2024.
Het RIZIV merkt enkele opmerkelijke variaties tussen artsen op. Zo behalen artsen die in Wallonië werken en vrouwelijke artsen betere resultaten. Er is ook een leeftijdsgradiënt, waarbij artsen jonger dan 55 jaar betere resultaten halen. Deze variaties dienen met de nodige voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd omdat ze berekend zijn op basis van kleine aantallen gaat.
Geen stijging van andere knie-ingrepen
Uit de analyse van het RIZIV blijkt dat de daling van het aantal meniscectomieën niet heeft geleid tot een evenredige stijging van andere soorten knie-ingrepen, waaronder de totale knieprothese.
Mogelijk is er wel een verschuiving naar conservatieve behandelingen zoals kinesitherapie of hyaluronzuurinfiltraties geweest, maar dat kon niet worden opgemaakt uit de gegevens waarover het RIZIV beschikt.
Samenspel van factoren
De positieve evolutie is vermoedelijk te verklaren door een samenspel van factoren, zegt het RIZIV. "De invoering van de indicator, voortschrijdende wetenschappelijke inzichten, de inspanningen van de wetenschappelijke verenigingen, patiëntenvoorlichting en een groter draagvlak voor conservatieve behandelingsopties versterken elkaar. Op basis van louter beschrijvende analyses kan echter geen rechtstreeks causaal verband worden aangetoond."
In juni 2026 krijgen de betrokken artsen individuele feedback via ProGezondheid, zodat ze hun ontwikkeling sinds de invoering van de indicator kunnen analyseren.
Voortaan zullen deze gegevens elk jaar automatisch worden bijgewerkt.