Hof van Cassatie
Onrechtmatige internering leidt niet automatisch tot vrijlating geïnterneerde
Het Hof van Cassatie velde op 24 juni 2025 een arrest over de gevolgen van de vaststelling dat de internering van een persoon onrechtmatig is omdat deze niet binnen een redelijke termijn plaatsvindt in een aangepaste instelling waar hij de nodige zorg ontvangt.
De geïnterneerde was anderhalf jaar opgesloten in de gevangenis van Merksplas zonder behandeling. In dat geval is de internering in strijd met artikel 5 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dat het recht op vrijheid en veiligheid van de persoon beschermt.
Beveiliging van de samenleving heeft voorrang
Toch moet die onrechtmatigheid niet noodzakelijk tot de invrijheidstelling van de geïnterneerde leiden, oordeelt het Hof van Cassatie. De interneringsmaatregel strekt immers ook tot de beveiliging van de samenleving. In dat geval moet de onrechtmatigheid van de vrijheidsberoving worden afgewogen tegen het gevaar dat een vrijlating van de geïnterneerde voor de samenleving oplevert en kan worden beslist dat niet tegenstaande de vastgestelde schending van artikel 5 de geïnterneerde van zijn vrijheid beroofd blijft.
Recht op schadevergoeding
De miskenning van het door artikel 5 gewaarborgde recht van de geïnterneerde op een vrijheidsberoving in een aangepaste instelling waar hij de nodige zorg ontvangt, opent wel de mogelijkheid voor een schadevergoedingsvordering tegen de overheid op grond van het in artikel 13 Verdrag Rechten van de Mens bedoelde recht op daadwerkelijk rechtsherstel.
Bron: Rechtskundig Weekblad 30 mei 2026