Nieuwe therapie UZ Brussel, VUB en KU Leuven vertraagt ontwikkeling diabetes type 1
Een internationale onderzoeksgroep onder leiding van onderzoekers van het UZ Brussel, de Vrije Universiteit Brussel en KU Leuven hebben samen een nieuwe strategie en therapie ontwikkeld om de ontwikkeling van diabetes type 1 af te remmen. Dat heeft het UZ Brussel dinsdag gemeld in een persbericht. De onderzoeksresultaten van de testen bij muizen werden gepubliceerd in het wetenschappelijke vaktijdschrift Diabetologia.
Diabetes type 1 ontstaat wanneer het immuunsysteem de bètacellen in de pancreas, die cruciaal zijn voor de bloedsuikerregulatie, aanvalt en vernietigt. Hoewel bestaande immunotherapieën het ontstaan van de ziekte bij mensen met een verhoogd risico kunnen uitstellen, is hun effect vaak tijdelijk en verschilt de respons sterk tussen patiënten. Daarom onderzochten de wetenschappers of bijkomende bescherming van de bètacellen de werking van immunotherapie kon versterken.
In de nieuwe preklinische studie getest op gezonde muizen kregen de dieren elke een experimentele stof toegediend, waaronder anti-CD3, GLP1-E2 of een combinatie van beide stoffen. Anti-CD3 remt de auto-immuunreactie af, terwijl GLP1-E2 de bètacellen beter bestand maakt tegen stress en functieverlies.
De combinatiebehandeling bleek het meest doeltreffend bij de muizen. Tegen de leeftijd van 30 weken ontwikkelde 77 procent van de onbehandelde muizen diabetes. Dat daalde naar 66 procent met alleen anti-CD3, 61 procent met alleen GLP1-E2 en slechts 38 procent met de combinatietherapie. Bovendien werd het ontstaan van diabetes aanzienlijk uitgesteld.
De onderzoekers benadrukken dat het om een preklinische studie gaat. De resultaten zijn gebaseerd op een muismodel en vormen nog geen nieuwe behandeling voor patiënten. Wel bieden ze een belangrijk bewijs dat toekomstige therapieën mogelijk effectiever en duurzamer worden door naast het immuunsysteem ook de bètacellen actief te beschermen.