Rapport langdurig zieken
Kamercommissie Sociale Zaken houdt hoorzittingen
De Kamercommissie Sociale Zaken heeft dinsdag op vraag van N-VA beslist hoorzittingen te organiseren over het rapport van de Dienst voor Geneeskundige Evaluatie en Controle (DGEC) over langdurige arbeidsongeschiktheid. Tijdens het actualiteitsdebat had minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke gezegd geen bezwaren te hebben tegen een hoorzitting. Iedere fractie kan nu instanties voordragen voor de hoorzittingen.
Uit de studie uit 2020 blijkt dat bijna 60 procent van de gecontroleerde langdurig zieken onterecht arbeidsongeschikt zijn verklaard. Tegelijk stelt het rapport ernstige tekortkomingen vast in de kwaliteit van de dossiers en de opvolging door het huidige controlesysteem.
"Hoe kan het dat zo'n onthutsend rapport jarenlang onder de radar blijft en dat betrokkenen anoniem moeten getuigen? Welke rol spelen de ziekenfondsen hier precies? Dat zijn vragen waarop de bevolking recht heeft op een duidelijk antwoord", vroeg Frieda Gijbels (N-VA) zich dinsdagvoormiddag af tijdens een actualiteitsdebat over het rapport.
Aanbevelingen uitvoeren
Minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke (Vooruit) gaf tijdens het debat toelichting over de context van het rapport, dat volgens hem een beeld schetst van een 'totaal onaangepast beleid'. Hij benadrukte dat de "we de aanbevelingen van het rapport aan het uitvoeren zijn", maar dat er nog heel wat werk voor de boeg is.
N-VA wees erop dat zij al langer kritisch is voor de huidige organisatie van de controles, met vooral een kwalijke hoofdrol voor de ziekenfondsen. "Op deze manier hebben ziekenfondsen geen plaats meer in onze sociale zekerheid," vond Gijbels.
Volledige transparantie
De N-VA vroeg hoorzittingen met focus op de ziekenfondsen, hun rol in de beoordeling en opvolging van arbeidsongeschiktheid; een toelichting van de toenmalige én huidige verantwoordelijken van het RIZIV; hoorzittingen met de opstellers van het DGEC-rapport uit 2020; en de volledige transparantie over de totstandkoming, behandeling en verspreiding van het rapport.
Ook Nahima Lanjri (CD&V) stelde zich vragen en met name hoe lang de minister al op de hoogte was van dit rapport en wat er met die kennis werd gedaan. "Want de ziekte-uitkering moet er zijn voor wie echt ziek is en elke vorm van misbruik moet aangepakt worden", aldus Lanjri. Ze drong erop aan om alle actoren te horen, zowel het RIZIV als de mutualiteiten, om duidelijkheid te krijgen over zowel het rapport uit 2020 als over de huidige stand van zaken. "Dat is nodig om goed te begrijpen hoe we deze mensen beter naar werk kunnen begeleiden", zegt ze.
Aan de leiband
Irina De Knop (Anders) vondt het kenmerkend dat minister Vandenbroucke de schuld afschuift op de Zweedse regering - waarvan ook N-VA deel uitmaakte - en het RIZIV. "Hij is zelf al 6 jaar bevoegd maar nooit verantwoordelijk. Nochtans zijn de cijfers onder zijn beleid geëxplodeerd. Nooit waren er meer langdurig zieken. Doeltreffende maatregelen blijven uit, maar ondernemers krijgen nu wel de rekening: zij moeten de ziekteuitkeringen mee financieren". Het Anders-Kamerlid was ook scherp voor de N-VA: "We lezen stoere verklaringen in de pers maar collega Ronse ligt aan de leiband. Hij mag af en toe blaffen tot het genoeg is en de socialisten hem in zijn kot steken."