Geestelijke gezondheid

Geestelijke gezondheid van jongeren: het ambitieuze actieplan van Solidaris

De geestelijke gezondheid van kinderen en jongeren vraagt dringend politieke aandacht. Dat is de centrale boodschap van het actieplan dat het strategisch comité van Solidaris op 3 juni voorstelde aan ministers van verschillende beleidsniveaus, onder wie minister Vandenbroucke. Het actieplan is het resultaat van meer dan een jaar overleg tussen 65 experts, waaronder artsen, en bevat een routekaart met tien prioriteiten. Artsenkrant kon het plan, goed voor meer dan 80 pagina’s, als eerste vooraf inkijken.

Cécile Vrayenne - 3 juni 2026

enfant santé mentale

De alarmsignalen voor de mentale gezondheid van kinderen en jongeren staan al geruime tijd op rood. Covid heeft de crisis voor het eerst echt zichtbaar gemaakt, maar de problemen bestonden al veel langer. Vandaag kampt bijna 25% van de jongeren met angst- of depressieve klachten, tegenover 17,8% van de totale bevolking.

Bovendien vormen jongeren inmiddels de leeftijdsgroep die het vaakst met zelfmoordgedachten kampt: 8,3%, tegenover gemiddeld 5,5%. Opvallend is dat psychisch onwelzijn zich steeds vroeger manifesteert. Naar schatting heeft 16 tot 18% van de kinderen tussen één en vijf jaar al een psychische stoornis.

Jean-Pascal Labille Solidaris "We moeten woorden in daden omzetten"

- Jean-Pascal Labille, secretaris-generaal van Solidaris

Pesten en neurodiversiteit

Het strategisch comité van Solidaris buigt zich geregeld over belangrijke maatschappelijke thema's vanuit het perspectief van de mutualiteit. Eerder werkte het al een actieplan uit rond geïntegreerde zorg. Vorig jaar startte het comité een grondige reflectie over de geestelijke gezondheid van jongeren, met als doel het thema centraal te plaatsen in toekomstige debatten en "woorden om te zetten in daden", zegt Jean-Marc Laasman, coördinator van het comité.

Dat resulteerde in een actieplan van 84 pagina's dat op 3 juni werd gepresenteerd aan de ministers van verschillende beleidsniveaus, waaronder minister Vandenbroucke. Het plan identificeert zes grote uitdagingen (te lezen in het Frans, nvdr.) voor de geestelijke gezondheid van kinderen en jongeren, namelijk pesten, (online) hyperconnectiviteit, schermen en netwerken, sociale- en omgevingsdeterminanten, neurodivergentie en perinatale zorg. Ook is in het plan een speciale routekaart opgenomen.

De tien prioriteiten van de routekaart :
1. Richt een staatssecretariaat op binnen een van de ministeries dat zich inzet in de strijd tegen eenzaamheid
2. Verbied sociale media vóór de leeftijd van 13 jaar
3. Verdubbel het aantal kinderpsychiaters
4. Stel in elke gemeente een kinderrechtencommissaris aan
5. Trek het vaderschapsverlof gelijk met het zwangerschapsverlof
6. Versterk de kinderopvang
7. Voorzie in elke school een verantwoordelijke voor een positief 'schoolklimaat'
8. Neem eerstelijnspsychologen op in het forfaitair betalingssysteem van medische huizen
9. Voer systematische screening uit op perinatale psychische stoornissen
10. Geef neurodiversiteit een sterkere plaats binnen het basisonderwijs en voortgezet onderwijs

Artsenkrant: Waarom heeft het comité voor dit thema gekozen?

Jean-Marc Laasman: Het Federaal Planbureau stelde vast dat het welzijn van 15- tot 24-jarigen in 2024 het laagste niveau bereikte van de voorbije twintig jaar. Het gevoel van onbehagen onder kinderen en jongeren neemt toe. En dat gaat niet om een tijdelijk verschijnsel, maar om een structurele trend die zich niet beperkt tot België. Jongeren wereldwijd groeien vandaag op in een context van opeengestapelde bedreigingen: klimaatverandering, oorlogen, een verzwakkende democratie, afnemende sociale bescherming en toenemende economische onzekerheid.

Daarbovenop komt de individualisering van onze maatschappij en een sociaal isolement, evenals de impact van sociale media, die verslavend werken en een voedingsbodem vormen voor impulsief gedrag en pesten.

Dit is de eerste keer dat de resultaten van het comité bekend worden gemaakt in het bijzijn van verschillende ministers. Waarom is daar deze keer voor gekozen?

Omdat het om een belangrijk volksgezondheids- en maatschappelijk vraagstuk gaat. We willen dus benadrukken dat we het probleem niet naar de achtergrond mogen laten verdwijnen. Daarom vonden we het belangrijk om hierover publiekelijk te communiceren en alle betrokken beleidsniveaus samen te brengen, aangezien geestelijke gezondheid een interfederale bevoegdheid is.

Voor het actieplan hebben eerst een multidisciplinaire groep van elf experts samengesteld en zes prioritaire reflectiedomeinen vastgelegd, die overeenkomen met de zes hoofdstukken van het plan. De aanpak is bewust holistisch en beperkt zich niet tot de zorgverlening alleen, maar ook tot preventie.

Vervolgens organiseerden we rondetafelgesprekken met in totaal 65 experts, onder wie psychiaters, psychologen en huisartsen, en gingen we ook in gesprek met jongeren zelf. Daaruit blijkt dat veel jongeren een diepe kloof ervaren tussen de verwachtingen rond prestaties en veerkracht die aan hen worden gesteld, terwijl de volwassen wereld er niet in slaagt hun een stabiel en aantrekkelijk toekomstperspectief te bieden.

Jean-Marc Laasman Solidaris"Als we van woorden naar daden willen overgaan, moeten er middelen worden vrijgemaakt. En dan hebben we het over structurele middelen. Investeren in het welzijn van jongeren betekent investeren in de toekomst van onze samenleving"

- Jean-Marc Laasman, coördinator van het strategisch comité van Solidaris

Het memorandum bevat veel interessante voorstellen, maar de uitvoering ervan zou honderden miljoenen euro's kosten. Tegelijk staan de overheden onder druk om te besparen.

Als we van woorden naar daden willen overgaan, moeten er middelen worden vrijgemaakt. En dan hebben we het over structurele middelen. Investeren in het welzijn van jongeren betekent investeren in de toekomst van onze samenleving.

Bovendien kunnen preventieve investeringen toekomstige kosten beperken. Vandaag ontstaat 50% van alle psychische stoornissen vóór de leeftijd van 14 jaar. Het Federaal Planbureau schat de directe en indirecte kosten van geestelijke gezondheidsproblemen in België op 5,1% van het bbp, of ongeveer 37 miljard euro.

De voorstellen in het rapport richten zich op zorgverleners, scholen, leerkrachten en beleidsmakers. Heeft het individu zelf geen verantwoordelijkheid voor zijn geestelijke gezondheid?

De WHO wijst erop dat 70% van de determinanten van geestelijke gezondheid sociaal en ecologisch van aard zijn. In onze samenleving wordt geestelijke gezondheid nog te vaak uitsluitend benaderd vanuit de gezondheidszorg. Het is echter belangrijk om ook aandacht te besteden aan sociale, economische, ecologische en politieke factoren. Een bredere benadering is dan ook nodig om geestelijke gezondheid duurzaam te versterken en niet enkel te reageren op problemen wanneer ze zich voordoen.

Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke heeft de voorbije jaren sterk geïnvesteerd in eerstelijnspsychologische zorg. Waren die voldoende?

We zien dat die investeringen goed terechtkomen. Maar, er ontbreekt nog steeds een goede verbinding tussen eerstelijnsinterventies en gespecialiseerde zorg, vooral tijdens de overgang van jeugd naar volwassenheid. Daarnaast blijft het tekort aan kinderpsychiaters een groot probleem. Dat vraagt om een langetermijnvisie, want de opleiding van een psychiater duurt elf jaar. Er zijn dus nog genoeg belangrijke verbeterpunten.

U stelt voor om het aantal kinderpsychiaters te verdubbelen. Hun aantal is de afgelopen jaren al toegenomen. Wat moet er volgens u gebeuren?

We zien dat er de afgelopen jaren aanzienlijke investeringen zijn gemaakt in de eerstelijnszorg, wat de toegankelijkheid van mentale gezondheidszorg heeft verbeterd. Toch zien we dat slechts 2,5 tot 3% van de jongeren tussen 15 en 24 jaar gebruikmaakt van deze zorg, terwijl de behoefte rond 25% ligt. Dat betekent niet per se dat het model faalt, maar wel dat er ergens iets misgaat bij de detectie en opvolging van mentale gezondheidsproblemen.

We stellen daarom voor om de subquota te verhogen en de specialisatie van kinderpsychiater aantrekkelijker te maken. Voor dat laatste verwijzen we bijvoorbeeld naar de lopende hervorming van de nomenclatuur. Een andere manier om de specialisatie aantrekkelijk te maken is door het werk beter te laten aansluiten op de privé-werkbalans, onder andere door in te zetten op multidisciplinaire ambulante praktijken waarin psychologen, kinderpsychiaters en maatschappelijk werkers samenwerken. Op deze manier kunnen we ook de zorg ook beter afstemmen op de behoeften van patiënten.

Er zijn ongetwijfeld ook grote regionale verschillen?

Absoluut. Psychologen zijn sterk geconcentreerd in de grote steden. In verschillende gemeenten is het aantal erkende psychologen onvoldoende in verhouding tot de behoeften. Dat geldt in het bijzonder voor Henegouwen, maar ook voor de provincies Namen en Luxemburg.

Nochtans zijn vroege detectie en snelle interventie cruciaal om chronische problemen te voorkomen. Wanneer we kijken naar de stijging van het aantal zelfmoordpogingen bij jongeren, is dat bijzonder verontrustend.

Onze voorstellen richten zich daarom niet alleen tot de federale overheid; ook de regio's moeten hun rol spelen. Er is nood aan betere afstemming en complementariteit met de bestaande, maar vaak verzadigde, geestelijke gezondheidszorg.

U pleit ook voor extra opleiding van huisartsen rond de geestelijke gezondheid van jongeren. Vragen we daarmee niet opnieuw veel van hen?

Het is niet de bedoeling om extra druk op huisartsen te leggen, maar zij spelen wél een fundamentele rol als eerste aanspreekpunt. Sommige huisartsen zijn hierin goed opgeleid en nemen die rol al op. Anderen voelen zich minder comfortabel bij deze problematiek.

Dat kan mogelijk ook mee verklaren waarom er relatief veel medicatie wordt voorgeschreven. Wij betwisten het nut van medicatie niet wanneer die aangewezen is, maar een goede opvolging door kinderpsychiaters blijft noodzakelijk. Duidelijke richtlijnen kunnen daarbij helpen.

U beveelt ook "sociaal voorschrijven" aan. Wat bedoelt u daarmee?

De toename van sociaal isolement en eenzaamheid bij jongeren is een structurele trend die al twintig jaar aanhoudt en door covid nog werd versterkt. Sociale relaties via digitale netwerken volstaan vaak niet.

Sommige landen hebben daarom een staatssecretaris voor eenzaamheid aangesteld en een nationale strategie ontwikkeld tegen sociaal isolement. In Groot-Brittannië bestaat bijvoorbeeld het systeem van "social prescribing". Een huisarts kan iemand doorverwijzen naar een coördinator, die helpt om aansluiting te vinden bij sociale activiteiten en lokale netwerken. Zo worden mensen opnieuw in contact gebracht met hun omgeving.

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium partner en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • wekelijkse newsletter met nieuws uit uw vakbranche
  • digitale toegang tot 35 vakbladen en financiële sectoroverzichten
  • uw bedrijfsnieuws op een selectie van vakwebsites
  • maximale zichtbaarheid voor uw bedrijf
Heeft u al een abonnement? 

Downloads

memorandum_santé_mentale_jeunes

PDF
PDF

Meer weten over

Deel je (nieuws)verhaal

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden
Print Magazine

Recente Editie
20 maart 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine