Europa wil cardiovasculaire risico's systematischer opsporen
De Europese Commissie zet een volgende stap in haar plan voor cardiovasculaire gezondheid. In haar voorstel voor een aanbeveling over cardiovasculaire risicobeoordelingen pleit ze voor een gestructureerde aanpak volgens leeftijd en risicoprofiel, van jongvolwassenen tot 65-plussers.
Voor huisartsen en cardiologen betekent het voorstel vooral een bredere preventieve evaluatie. Lipoproteïne(a), de nierfunctie en, bij ouderen, voorkamerfibrillatie en natriuretische peptiden krijgen daarin meer aandacht.
Eerste risicobeoordeling vóór 35 jaar
Hart- en vaatziekten blijven de belangrijkste doodsoorzaak in de Europese Unie, met jaarlijks 1,7 miljoen sterfgevallen. Ongeveer 62 miljoen mensen leven met een cardiovasculaire aandoening. De jaarlijkse kosten bedragen meer dan 282 miljard euro.
Volgens de Commissie kan ongeveer 80% van de hart- en vaatziekten vermeden worden door onder meer hoge bloeddruk, een verhoogd cholesterolgehalte, hyperglykemie en obesitas aan te pakken. Het Safe Hearts Plan beoogt de vroegtijdige cardiovasculaire sterfte tegen 2035 met 25% terug te dringen.
Nieuw is vooral dat de Commissie vroege opsporing systematischer wil organiseren. Ze beveelt aan om vóór de leeftijd van 35 jaar minstens één cardiovasculaire risicobeoordeling uit te voeren. Die zou aandacht besteden aan leefgewoonten en biologische risicofactoren, waaronder bloeddruk, bloedglucose, nierfunctie en BMI.
Bij kortademigheid kan ook de longfunctie worden beoordeeld. Daarnaast kunnen de geestelijke gezondheid en, waar relevant, de reproductieve voorgeschiedenis aan bod komen. Bij een familiale voorgeschiedenis van vroegtijdige hart- en vaatziekten of plotse dood moet de beoordeling worden afgestemd op de klinische situatie.
Van 35 tot 64 jaar: minstens om de vijf jaar
Voor volwassenen van 35 tot 64 jaar stelt de Commissie een systematische beoordeling voor, minstens om de vijf jaar. De frequentie moet worden aangepast aan het risicoprofiel. De evaluatie gaat verder dan alleen een meting van de bloeddruk en het cholesterolgehalte.
In de anamnese moet onder meer aandacht zijn voor vroegtijdige hart- en vaatziekten in de familie, voeding, lichaamsbeweging, roken, vapen, het gebruik van rookvrije nicotineproducten en alcoholconsumptie. Ook de reproductieve en geestelijke gezondheid tellen mee.
De voorgestelde metingen en bepalingen omvatten de bloeddruk, een lipidenprofiel met totaal cholesterol, LDL-cholesterol, HDL-cholesterol en triglyceriden, en minstens eenmaal op volwassen leeftijd een bepaling van lipoproteïne(a). Ook nuchtere glykemie en HbA1c maken deel uit van de beoordeling. Voor de nierfunctie worden serumcreatinine en albuminurie meegenomen. Verder gaat het om de BMI en de tailleomtrek of de verhouding tussen tailleomtrek en lichaamslengte. Een ECG wordt afgenomen wanneer daarvoor een indicatie bestaat.
Vanaf 65 jaar: ook aandacht voor voorkamerfibrillatie en hartfalen
Vanaf 65 jaar stelt de Commissie een controle om de drie tot vijf jaar voor. Boven op de eerdere onderdelen komen onder meer een ECG, een polscontrole met het oog op de opsporing van voorkamerfibrillatie en een bepaling van NT-proBNP. Zo wil de Commissie cardiovasculaire aandoeningen die onopgemerkt kunnen blijven, gestructureerder opsporen.
De beoordelingen moeten wel gericht blijven en steunen op wetenschappelijk bewijs. De Commissie vraagt de lidstaten om de aanpak af te stemmen op hun zorgstelsel en op de risicoprofielen van hun bevolking. Daarbij moeten de controles ook toegankelijk zijn voor groepen met een hoog risico en voor kwetsbare bevolkingsgroepen. Mensen bij wie een verhoogd risico wordt vastgesteld, moeten gepersonaliseerde preventie krijgen en, waar aangewezen, vaccinatieadvies.
De voorgestelde aanpak maakt deel uit van het Safe Hearts Plan. Dat steunt op drie pijlers: preventie, vroege detectie en screening, en behandeling en zorg, met inbegrip van revalidatie. Tot de tien initiatieven behoren ook een levenslang, digitaal ondersteund programma voor gepersonaliseerde preventie, een aanbeveling over behandeling en opvolging op maat, en de inzet van artificiële intelligentie en digitale technologie in de cardiovasculaire zorg.