Cassatie: Orde apothekers mag mededinging niet zomaar beperken
Beperking moet grondig gemotiveerd zijn
De Orde van Apothekers is een beroepsvereniging die mededinging niet zomaar mag beperken omwille van materiële belangen. Dat is de implicatie van een arrest van het Hof van Cassatie.
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Wat voorafging: Het Hof van Cassatie velde op 25 juni 2026 een arrest waarin het oordeelde dat de Orde der dierenartsen een ondernemingsvereniging is. Bijgevolg moet die Orde, wanneer ze de uitoefening van diergeneeskundige activiteiten reguleert, voldoen aan de regels inzake mededinging.
Zoals Artsenkrant toen al meldde, kan dit arrest niet zonder meer op de Orde van Apothekers of de Orde der Artsen worden toegepast, maar nodigt het wel uit tot bezinning.
Het arrest werd inmiddels gepubliceerd in Rechtskundig Weekblad van 5 september 2026. In een noot bij dit arrest wordt naar een arrest van het Hof van Cassatie van 7 juni 2018 verwezen. In dat arrest stelde het Hof dat ook de Orde van apothekers een beroepsvereniging is. Daarom is dat arrest nu weer bijzonder relevant.
Gebruik van Google AdWords is een “commerciële overdrijving”
De raad van beroep van de Orde van apothekers had een tuchtsanctie opgelegd aan een apotheker. Het feit dat een apotheker een ondernemer is die gerechtigd is op vrije mededinging ontslaat hem niet van de naleving van de wettelijke, reglementaire en deontologische regels die berusten op de plicht de fundamentele regels van het beroep na te leven.
Het gebruik van “Google Adwords” kon volgens de raad van beroep niet anders worden gezien dan als een lokmiddel voor het volledige aanbod van een internetapotheek, waarbij de apotheker beoogt haar omzet te verhogen door cliënteel te onttrekken aan apotheken in de fysieke nabijheid van dat cliënteel, terwijl bij fysieke apotheken de farmaceutische zorg bij de aflevering van een geneesmiddel met grotere zorgvuldigheid kan worden verstrekt, o.m. door raadgeving bij het gebruik, eventueel aanraden een arts te raadplegen, opvolging therapietrouw, zicht op eventuele overconsumptie en interacties van geneesmiddelen.
Geneesmiddelen kunnen niet worden verhandeld als gewone koopwaar, maar in functie van hun verantwoord en rationeel gebruik in een specifieke context en binnen een structuur waar persoonlijk contact met een apotheker de regel is, stelde de raad van beroep. Het gebruik van “Google AdWords” door de apotheker in de context van een apotheek is een “commerciële overdrijving” die indruist tegen de eer en de waardigheid van het beroep van apotheker.
Vernietigd door het Hof van Cassatie
Het Wetboek van Economisch Recht verbiedt besluiten van ondernemingsverenigingen die ertoe strekken of tot gevolg hebben dat de mededinging op de betrokken Belgische markt of op een wezenlijk deel ervan merkbaar wordt verhinderd, beperkt of vervalst, stelde Cassatie in het arrest.
Ook de Orde van apothekers is een beroepsvereniging. Apothekers, ook al zijn zij geen kooplieden, hebben een maatschappelijke functie en oefenen een activiteit uit die gericht is op de uitwisseling van goederen of diensten. Zij streven op duurzame wijze een economisch doel na en worden daarom in de regel beschouwd als ondernemingen in de zin van het Wetboek Economisch Recht.
Een beslissing van een raad van beroep die aan een of meer apothekers beperkingen oplegt in de mededinging die niet vereist zijn om de fundamentele regels van het beroep te handhaven of aan de dringende eisen van de regelmatige normale toediening van de gezondheidszorgen te voldoen, maar die in werkelijkheid ertoe strekken bepaalde materiële belangen van apothekers te begunstigen of een bepaald economisch stelsel te installeren of in stand te houden, is in strijd met het Wetboek Economisch Recht.
Hieruit volgt volgens het Hof van Cassatie dat de raad van beroep, die zijn beslissing baseert op de bescherming van de materiële belangen van de beroepsgenoten en op algemene opvattingen over de economische organisatie van de farmaceutische zorg, de concurrentie beperkt. Dit zonder concreet te motiveren waarom de betreffende apotheker het algemeen belang inzake de volksgezondheid, de bescherming van de gezondheid van de patiënten, de behandeling en genezing van zieken in het gedrang brengt, de kwaliteit van de zorgverstrekking in gevaar brengt, tot overconsumptie aanzet, de essentiële regels van het beroep schendt, de farmaceutische zorg een overdreven handelskarakter geeft of de vrije keuze van de patiënt belemmert.
De beslissing van de raad van beroep werd om deze redenen vernietigd.